Author: fictionbyjo

  • Schilderen naar levend model

    Schilderen naar levend model

    Tijdens mijn laatste jaar op de middelbare school volgde ik een cursus schilderen naar levend model met olieverf bij de plaatselijke kunstacademie. Gedurende 6 maanden schilderde ik elke zaterdag van 9 uur ‘s ochtends tot ongeveer 4 uur op een echte schildersezel, omringd door andere enthousiaste amateurkunstenaars. Ik leerde olieverf te gebruiken, kleuren te mengen en levende modellen te tekenen/schilderen, naakt of gekleed. Het afmaken van de schilderijen binnen deze ene dag was meestal nogal moeilijk en de modellen namen wat welverdiende rust tussen het poseren door. Desondanks heb ik een paar schilderijen kunnen maken waar ik nog steeds erg trots op ben en ik deel ze graag hieronder. De galerij toont 4 schilderijen van twee levende modellen. Ik heb kunnen experimenteren met kleurenschema’s en het kleurcontrast tussen de menselijke figuur en de achtergrond.

  • Live model paintings

    Live model paintings

    During my last year of secondary school, I entered into a class of live model painting with oil paint at the local art school. During 6 months, I spent every Saturday from 9am until about 4 pm painting at a proper easel, surrounded by other enthusiastic amateur artists. I learned to use oil paints, to mix colours and to draw/paint live models, nude or clothed. Finishing the paintings within this one day was usually rather difficult, and the models took some well-deserved rest in between holding poses. Nevertheless, I was able to create a few paintings I am still very proud of, and I’m very happy to share them with you. The gallery below displays 4 paintings of two live models. I experimented with colour schemes and the contrast of colours between the figure and the background.

  • Afzondering

    Afzondering

    Gedicht met afbeelding

    Origineel gedicht en afbeelding – Nederlands.

  • Na de laatste oorlog

    Na de laatste oorlog

    Gedicht in het Nederlands met afbeelding van getekende bloemen

    Origineel gedicht en afbeelding – Nederlands.

  • Enkel jij

    Enkel jij

    ‘Enkel jij’ is een kortverhaal over een demonische prinses en haar moeder, de koningin van Mount Misery en alles eromheen. Volgens haar moeder is ze de favoriet van de vier kinderen. Ze is dankbaar en gretig om te bewijzen dat ze later de troon en de kroon waardig is. Als ze aankondigt dat ze gaat trainen bij de Predatory Platoon, onthult haar moeder dat ze niet de troonopvolger is en dat ze nooit van plan was om haar de volgende koningin te maken. Haar enige levensdoel als prinses is om voor haar koningin te zorgen. Deze openbaring brengt veel verdriet en nieuwe inzichten voor de dochter, die een ingrijpende beslissing neemt.

    Just you is een horror/fantasieverhaal met thema’s als mentale gezondheid en existentiële angst en bevat een vleugje magie.

    Het korte verhaal ‘Just you’ is gepubliceerd door Elegant Literature in hun tijdschrift ‘Wicked Wonderland’ #027 in januari 2024. Om het hele tijdschrift te lezen, ga naar Elegant Literature.

    In 2025 vertaalde ik het kortverhaal zelf naar het Nederlands om in te zenden voor het magazine van EdgeZero.

    Met behulp van redactie van Finn Audenaert, werd de Nederlandstalige versie van dit kortverhaal gepubliceerd in het Out Of This World online magazine: https://ootw-magazine.weebly.com/fiction/jo-neels-enkel-jij in februari 2026.

    Enkel jij

    Op zeldzame gelegenheden deelt Hare Koninklijke Hooghartigheid complimenten uit, zoals wanneer haar monsterlijke appetijt gestild is. 

    ‘Ik wilde er nooit vier,’ smakt ze terwijl ze het laatste stuk taart in haar mond propt, ‘ik was tevreden geweest met één.’
    Ze wijst met een knokige vinger naar me: ‘Enkel jij.’

    De woorden weerkaatsen in de marmeren troonzaal en ontsnappen langs de fakkels uit de hoge, rode glasramen in de zijwanden. Buiten hoor ik de wind huilen rond de top van de Barre Berg, maar binnen overheersen de slobberende geluiden van de koningin, die jam uit een bijna lege dessertschotel likt. Op de tafel naast haar staan lege kopjes, borden en schalen en de vloer is bezaaid met afgekloven karkassen van geroosterde dodo’s. Haar spiegeljurk is besmeurd met kruimels en plakkerige substanties. Ik zie mijn groene haren en rode ogen gereflecteerd in de bewegende scherven aan de onderkant van de jurk en ik glimlach.

    Ik ben haar favoriet.

    De koningin boert luid en gooit de aarden schotel door de kamer. Hij breekt in stukken tegen de dikke hoofden van mijn kibbelende, onoplettende broers. Ze delen één lichaam, maar Hare Hooghartigheid telt hen toch als twee kinderen omdat het hoofd eruit persen het lastigste deel is van een geboorte en ze het voor hen twee keer moest doen. Mijn broers jammeren, wrijven over hun reusachtige voorhoofden en verdwijnen dan snel in de trappenhal.

    De koningin knort van plezier: ‘Een prachtig schot! Tien punten, vijf voor elk hoofd!’ Mijn broers zijn sterk, maar ze zijn zo dom als kwijlende baby’s en onze moeder geniet ervan hen publiek te vernederen.
    Ze ploft haar voeten op een rode fluwelen voetenbank en glimlacht naar me.

    Ik bewonder haar, aanbid haar, net als mijn vader deed.

    Mijn vader vertelde me ooit over de eerste keer dat hij haar zag op het slagveld: een machtig wezen dat de hoofden van zijn soldaten eraf rukte, ridders doormidden hakte met haar scherpe klauwen en hun ingewanden opslurpte als spaghettislierten. Hij was op slag verliefd.

    Ik wou dat ik meer op haar leek. Ik ben niet zo hardvochtig als zij, noch zo sterk of gevaarlijk als haar andere kinderen, maar toch houdt ze het meest van mij. Ze ziet mijn potentieel, zegt ze, en ik wil haar bewijzen dat ik bekwaam genoeg ben om ooit koningin te worden van het land.

    Nu ze goed gevoed en goedgeluimd is, grijp ik mijn kans om haar aan te spreken. Ze strekt haar verschrompelde tenen en zakt dieper weg in de fluwelen bekleding, klaar voor een dutje. Ik raap al mijn moed bijeen en verkondig: ‘Moeder, ik wil reizen, vechten in veldslagen en mijn waarde aan u bewijzen!’

    Ze reageert niet, maar haar neus trekt even samen.

    ‘Ik heb alle voorbereidingen getroffen en ik kan morgenochtend vertrekken samen met het Krankzinnige Konvooi, uw eliteleger.’

    Haar ogen vliegen open in woede, haar neusvleugels bollen op en trillen, ze groeit en neemt haar ware Wendigogedaante aan. Ze torent als een donkere schaduw boven me uit en dondert: ‘Hoe durf je!’
    De slangendienaren, die aan weerszijden van de hal gestationeerd staan, panikeren en slikken uit pure angst hun eigen staarten in.

    ‘Wil je je koningin, je moeder verlaten?’

    De troonzaal bevriest, de fakkels doven uit en een donkere mist verzamelt zich rond haar. Mijn keel plakt dicht, mijn ledematen vriezen vast aan de stenen tegels onder me. Ik kan niet meer wegkijken van haar witte, lege ogen, haar scherpe mond, maar ik slaag er nog net in mijn hoofd te schudden. Ik dacht dat ze trots zou zijn, maar ik heb me gruwelijk vergist.

    Met één lange arm gooit ze de eettafel naar de andere kant van de ruimte, waar de borden en het zware hout tegen de wand verbrijzelen. Bruine en rode saus spatten op het wandtapijt, het pronkstuk van de troonzaal. Het geweven tafereel toont de executie van de rebellen die haar heerschappij betwistten.
    Ze krijst in de duisternis van de troonzaal tot haar frustratie eruit is en wendt zich dan tot mij met een meer beheerste stem.

    ‘Je stelt me teleur, ondankbaar kind.’

    Schaamte vult mijn lichaam, de haat in haar ogen schroeit mijn huid en ik krimp in een poging eraan te ontsnappen. Ik klamp me wanhopig vast aan een gelukkige herinnering.

    Ik denk aan hoe ze me naar haar kamer riep nadat mijn vader stierf, tientallen jaren geleden. Ze gaf me bergen snoepgoed en knuffelde me onder de zware dekens van haar hemelbed. We vertelden elkaar urenlang verhalen en fantaseerden dat we samen over het land zouden regeren. Toen ik vroeg: ‘Hou je van mij, mama?’, fluisterde ze in mijn oor: ‘Jij, mijn kleine demon, jij bent de speciaalste. Ik heb je nodig.’ De haren uit haar neusgaten kietelden mijn voorhoofd. ‘Enkel jij.’ Die gedachte maakt me sterker, het is de beste herinnering die ik heb.

    Als Hare Koninklijke Hooghartigheid besluit dat ik genoeg heb afgezien, transformeert ze weer naar een menselijke gedaante en bevrijdt me uit haar verstikkende angstmist. Ze bestudeert haar handen, draait even aan haar gouden ring met rode robijn ter grootte van een kippenei, woelt door haar gigantische, groene bos haar en ziet dan pas hoe ik hijgend en zielig op de grond lig.

    ‘Vertel me nu eens, kleine demon, waarom zou je zoiets zeggen? Wie heeft je hiertoe aangezet? Was het je verraderlijke zus, of die nutteloze vleeskoppen van broers?’

    Ik schud mijn hoofd, ik heb al jaren niet meer met hen gesproken. Mijn zus vertrok lang geleden, net nadat onze vader stierf. In tegenstelling tot moeder is zij niet eng of monsterlijk, ze is adembenemend mooi. Moeder vindt charme en schoonheid minder belangrijke eigenschappen, maar mijn zus is het dodelijkste monster van ons vieren. Uren heb ik haar bestudeerd, hoe ze alle soorten wezens naar zich toe lokte met haar zielsverpletterende blik, haar hemelsblauwe vel, haar onweerstaanbare kus. Zelfs net voor ze hen heelhuids opslokte, waren ze nog in een trance van gelukzaligheid. Verbluffend wezen, mijn zus, ze had de volgende koningin kunnen zijn, zoals het volk eigenlijk hoopte, maar in de plaats daarvan verliet ze ons. Ze bleek een ondankbaar kind te zijn, een nutteloze erfgename.

    Mijn broers zijn er wel nog, maar Hare Majesteit negeert hen meestal, dus doe ik dat ook.

    ‘Afgrijswekkende Koningin, Majesteuze Moeder, wil je niet dat ik leer om te vechten voor ons land en ervaring opdoe in de strijd? Die talenten heb ik toch nodig wanneer ik zelf ooit koningin zal worden?’

    Ik durf niet op te kijken, maar hoor haar vreugdeloze lach. Ze neemt mijn kin in haar klauwen zodat ik haar neerbuigende blik moet aanschouwen en blaast een kus van haar rode lippen naar de mijne.

    ‘Waarom denk je dat jij koningin wordt?’

    Ik ben even sprakeloos, stomverbaasd. Mijn wangen voelen heet en ik stotter: ‘W-… Waarom niet?’

    De woorden ontvluchten mijn mond voor ik ze kan inslikken en nog andere volgen: ‘Je houdt van me en ik ben het enige goede kind, dus er is niemand anders. Ik kan het, moeder, op een dag, met wat training …’

    ‘Genoeg,’ beveelt ze en slaat me in het gezicht.

    Mijn ogen vullen zich met tranen, maar ik dwing ze terug. Ik mag niet wenen, ik mag niet zwak zijn.

    ‘Ik heb geen opvolger nodig,’ vervolgt ze, ‘kinderen zijn de knoopsgaten die hun ouders bij elkaar houden, kleine demon, dat is het enige waarvoor ze dienen. Gelukkig ben ik je enige ouder, dus ik heb maar één kind nodig.’

    Ze glimlacht terwijl ze naar de reusachtige gouden knoop wijst die op de voorkant van haar spiegeljurk genaaid is. Ik staar naar de knoop die haar ruime boezem wanhopig bijeenhoudt aan een paar dunne draden en denk: ‘Is dat het enige waarvoor ik dien?’

    De slangendienaars ontvriezen uit hun angststaat en kokhalzen terwijl hun staarten langzaamaan weer verschijnen uit hun keel. Hun hoeden staan scheef en de kettingen rond hun staarten druipen van speeksel en gif. Hare Koninklijke Hooghartigheid kijkt er afkeurend naar en is even afgeleid van mij en mijn kersenrode wang.

    ‘Ik dacht dat je me nodig had, moeder.’

    Ze staart me boosaardig aan.

    ‘Jouw enige levensdoel is om er voor mij te zijn. Heersers in dit land grijpen hun macht, ze krijgen ze niet cadeau.’

    Ik weet dat ik moet zwijgen, maar ik kan me niet inhouden: ‘Maar u heeft ze gekregen na vaders dood, u heeft ze niet genomen, u bent erin getrouwd.’

    Mijn gezicht vangt nog een rake klap, deze keer van de vuist met de gigantische robijn. Het bloed gutst uit de put die hij boven mijn oog achterlaat.

    ‘Jij idioot. Jouw vader was zwak en incompetent en ik nam hem zijn kasteel af, zijn titel en zelfs zijn leven. Iedereen weet dat, zelfs je broers en zus weten dat. Jij bent de enige die te dom is om dat te beseffen. Je bent precies waar je hoort te zijn, één stap onder me, opkijkend naar je koningin, voor altijd.’

    Ik kan de tranen niet meer stoppen, ik huil en ik zie hoe ze walgt van me. Bloed en tranen stromen over mijn gezicht, besmeuren mijn kledij, bevlekken de vloer. Ze beveelt me te stoppen, maar dat kan ik niet. Ik voel mijn hart breken, mijn ingewanden openscheuren, mijn huid branden. De troonzaal staat ondersteboven en ik hang naast de kroonluchter en schreeuw, snik, huil en kreun tot ik leeg ben. Leeg en alleen op de stenen vloer.
    Vroeger was ik zo bang om alleen te zijn in dit gruwelijke land waar monsters heersen en het leven niets betekent. Nu besef ik eindelijk dat ik altijd al alleen was. Ze heeft gelijk, ik ben niet sterk of adembenemend mooi, maar ik ben loyaal en liefhebbend. In een land waar de waanzin overheerst, zijn loyaliteit en liefde uiterst waardevolle aanwinsten.

    Ik sluip weg als de ochtendvorst het kasteel bedekt. Ik alleen, zonder het Krankzinnige Konvooi. De wind snijdt in de rauwe wond op mijn gezicht als ik van de Barre Berg afdaal in de mist van het laagland.

    Ik had haar kunnen vermoorden, ik had haar in haar slaap kunnen neersteken, maar het zou me niet genoeg voldoening geven. Haar gejammer wel. Het hartverscheurende geklaag stijgt op uit het kasteel nu ze ontdekt heeft dat ik haar heb verlaten. Ik hoorde dat geluid al eerder, toen mijn zus ons verliet, daarom wist ik dat dit haar het meeste zou kwetsen.

    Mijn zus blijkt toch geen ondankbaar kind te zijn, integendeel, ze zal een geweldige koningin worden, daar zorg ik wel voor. En ooit zal ik wraak nemen, ze zal zoet zijn als kleverige jamtaartjes en ijskoud geserveerd worden aan jou, moeder, enkel jij.





  • The dollmaker’s derision (De spottende poppenmaker)

    The dollmaker’s derision (De spottende poppenmaker)

    The dollmaker’s derision is een kortverhaal, geschreven in het Engels, over de reis van een pop, ‘Maddie’, naar de oude werkplaats van de poppenmaker, de man die haar lang geleden maakte en tot leven wekte. Tijdens haar reis vertelt ze over haar verleden en haar opvoeding. Wanneer ze aankomt, confronteert ze de poppenmaker en stelt ze zijn keuzes doorheen haar leven in vraag. Het is een fantasieverhaal met thema’s zoals geestelijke gezondheid, existentiële angst en het bevat een magische toets.

    Het kortverhaal ‘The dollmaker’s derision’ werd gepubliceerd in mei 2024 door Elegant Literature in hun online magazine #030 met als thema ‘Stille storm’. Om het hele magazine te lezen, kun je naar Elegant Literature gaan.

  • Poster design for Folk festival in Belgium 2012

    Poster design for Folk festival in Belgium 2012

    In 2011, I entered the competition to create a poster for ‘10 years of Gooikoorts’. A design I submitted was selected and, at the request of the organization, I reworked the design into a large painting with oil paint on thick paper. The figures are therefore small and centered at the bottom left of the painting, leaving space on the rest of the design to add the text and logos. The final poster served for the festival that took place in the summer of 2012.

  • The dollmaker’s derision

    The dollmaker’s derision

    The dollmaker’s derision is a short story (almost 2000 words) about a doll’s journey to the old workshop of the man who made her long ago. During her journey, she talks about her past and her upbringing. When she arrives, she confronts her maker in a dramatic end to the story. It is a fantastical tale containing themes of mental health, existential dread and a little bit of magic.

    The short story ‘The dollmaker’s derision’ was published May 2024 by Elegant Literature in their magazine #030 themed ‘Silent Storms’. To read the whole magazine, go to Elegant Literature

  • Poster ontwerp voor 10 jaar Gooikoorts 2012

    Poster ontwerp voor 10 jaar Gooikoorts 2012

    In 2011 nam ik deel aan de wedstrijd om een poster te maken voor ’10 jaar Gooikoorts’. Een ontwerp dat ik instuurde werd geselecteerd en op vraag van de organisatie herwerkte ik het ontwerp tot een groot schilderij met olieverf op dik papier. De figuren zijn daarom klein en gecentreerd linksonder aan het schilderij, zodat er plaats is op de rest van het ontwerp om de tekst en logo’s toe te voegen. De uiteindelijke poster diende voor het festival dat zou doorgaan in de zomer van 2012.

  • Just you

    Just you

    ‘Just you’ is a short story about a demon princess and her mother, the queen of Mount Misery and all the lands around it. According to her mother, she is the favorite out of the four siblings and she is both thankful and eager to prove herself worthy as the heir to the throne. When she announces she will be leaving to train with the Predatory Platoon, her mother reveals she never had any intention of making her the next queen, and that her only purpose is to attend to her queen. This revelation brings about a great deal of sorrow and new insights for the daughter, who makes a life altering decision.

    Just you is a fantastical tale containing themes of horror, mental health, existential dread and a touch of magic.

    The short story ‘Just you’ was published by Elegant Literature in their magazine ‘Wicked Wonderland’ #027 in january 2024. To read the whole magazine, go to Elegant Literature.

    just you
    just you
    just you
    just you
    just you